door Kaja Sariwating
Vulfnik: de plaat die bijna nooit kwam

Vulfnik: de plaat die bijna nooit kwam

Hoe een Vulfmon-album drie jaar lang ergens tussen een gecrashte webwinkel en een stille perserij bleef hangen — en wie hem uiteindelijk uit het moeras trok.

Er is een bepaald soort stilte die platenliefhebbers leren herkennen. Niet de stilte van de groef vlak voordat de naald de muziek raakt, maar de andere: die van een bestelbevestiging waar nooit meer iets op volgt. Geen track-and-trace. Geen mailtje. Alleen een afschrijving op je rekening en een belofte die langzaam vervaagt.

Voor de mensen die in 2023 een pre-order van Vulfnik plaatsten, duurde die stilte bijna drie jaar.

Een album dat al lang leefde

Vulfnik is geen obscuur zijproject. Het is het werk van Vulfmon, het alias van Jack Stratton — de man die ook de motor is achter funkcollectief Vulfpeck. Digitaal verscheen het album op 2 juni 2023: tien tracks, wat experimenteler dan zijn eerste Vulfmon-plaat, met gospeluitstapjes, een nieuw aangeleerd instrument (de harpejji) en een remix die je woonkamer in een kleine rave verandert.

De muziek was er dus. De luisteraars waren er. Het enige wat ontbrak, was het ding dat fans nu juist het liefst willen: het zwarte vinyl in hun handen.

Waar het misging

De vinyl van Vulfnik werd vanaf het voorjaar van 2023 aangeboden als pre-order via crowdfunding op Qrates — een platform waarop artiesten hun persing lieten financieren door fans, en dat beloofde de rest uit handen te nemen: productie, opslag, verzending, klantenservice. Voor een artiest klinkt dat als een droom. Je maakt de muziek, zij regelen de plaat.

Tot het misging.

Rond juli 2023 meldde Qrates een cybersecurity-incident bij hun verzendpartner. Het bedrijf stopte met versturen — terwijl het tegelijk volhield dat dit geen gevolgen zou hebben voor de leveringen. Die twee dingen lieten zich slecht rijmen. En ze bleken ook niet te kloppen.

Wie zich verdiept in de klachten die zich opstapelden, ziet een patroon dat groter is dan één plaat. Bestellingen die teruggingen tot 2022 bleven liggen. De klantenservice reageerde niet. De verklaring voor de vertraging veranderde steeds van vorm — eerst het magazijn, dan een hack. Artiesten beschreven hoe ze maandenlang fans aan het lijntje moesten houden over orders die ze zelf niet eens konden traceren. Uiteindelijk meldde Qrates dat de dienst tijdelijk werd opgeschort wegens financiële problemen.

Belangrijk detail, want het wordt vaak verkeerd naverteld: het was niet zozeer "de perserij" die omviel. Het was het platform eromheen — het bedrijf dat het geld inde, de productie coördineerde en de platen zou versturen. De fabriek waar fysiek geperst werd, was een aparte schakel. Maar voor de klant maakt die nuance weinig uit. Het eindresultaat is hetzelfde: betaald, en niks in de bus. Zo balanceerde de plaat jarenlang op de rand van vaporware — aangekondigd, voorverkocht, maar fysiek onvindbaar.

De band die wegliep

Vulfpeck en Vulfmon waren niet de enige gedupeerden, maar wel een van de zichtbaarste. Toen duidelijk werd dat klanten hun platen simpelweg niet kregen, deed het kamp het enige verstandige: het brak met Qrates en zocht een nieuwe partner.

Dat werd Diggers Factory — een Frans platform dat draait om vinyl in beperkte oplage, met het idee dat artiesten, fans en de industrie samen een eerlijker productiemodel kunnen bouwen.

Hier ontstaat de mythe die rondzingt: dat Diggers Factory "alle LP's opkocht" via een veiling. Mooi verhaal, maar zo ging het niet. Er lag geen geheime voorraad onbezorgde platen die voor een prikje van eigenaar wisselde. Diggers nam de catalogus over en bracht de releases opnieuw uit — Vulfnik incluis, samen met andere titels die in het Qrates-moeras waren blijven steken. Geen heruitgave van bestaande dozen, maar een complete herstart van de productie.

Een veelzeggend detail zit in de etikettering: Diggers brengt deze plaat uit als eerste persing (in aparte US-, UK- en Japan-edities, als genummerde oplage). Een first pressing die jaren te laat komt — omdat de eerste, beloofde persing voor veel fans nooit had bestaan.

Drie jaar later

En toen, op 30 maart 2026, gebeurde waar kopers bijna niet meer in durfden te geloven: de mail kwam binnen dat het vinyl van Vulfnik eindelijk de deur uit ging. Via Diggers. Verzonden.

Lees de reacties van fans terug en je proeft een merkwaardige mix. Opluchting, vooral. Maar ook een zweem van ongeloof, alsof iemand een pakketje terugkrijgt dat hij allang had afgeschreven. Eén koper vatte het pijnlijk samen: doodzonde van de hele vinylrelease — niet om de muziek, maar om de jarenlange soap eromheen.

Wat het verhaal echt vertelt

Het makkelijke einde is: plaat besteld, plaat (eindelijk) geleverd, happy end. Maar onder de oppervlakte zit een ongemakkelijker verhaal over hoe kwetsbaar de hedendaagse vinylhausse eigenlijk is.

De vinylmarkt groeit al jaren, maar de infrastructuur eronder is dun. Persen, opslaan, versturen, betalingen verwerken — die hele fulfilment hangt aan een handvol partijen, en als er eentje wankelt, staan duizenden orders stil. Crowdfundplatforms beloven kleine artiesten dat ze risicoloos vinyl kunnen maken: jij levert de muziek, wij doen de rest. Tot "de rest" zelf het probleem wordt.

Dat een band met het bereik van Vulfpeck dit overkwam, is veelzeggend. Zij hadden de zichtbaarheid om druk te zetten, een alternatief te vinden en hun fans alsnog te bedienen. Een soloartiest met tweehonderd onbezorgde pre-orders had dat geluk niet. Voor hen eindigt het verhaal vaak gewoon in die stilte — zonder Diggers, zonder heruitgave, zonder pakket.

Vulfnik draait nu eindelijk op platenspelers over de hele wereld. De groef klinkt zoals een groef moet klinken. Maar de echte b-kant van dit verhaal is een herinnering: tussen "bestellen" en "afspelen" zit een hele industrie waar je als luisteraar nauwelijks zicht op hebt — en die soms gewoon hapert.

*Heb jij destijds een Qrates-bestelling gehad die nooit kwam? Of je exemplaar van Vulfnik inmiddels alsnog binnen? Laat het weten in de reacties.